Onderhoud Suzuki GS 1250 SA

Voorwoord onderhoud aan mijn motor Suzuki GSF 1250 A.

Het onderhoud aan de Suzuki doe ik voor een groot gedeelte zelf. Dit is voor iemand met een beetje handigheid best te doen. Werk netjes en leg alles wat je uit elkaar haalt in goede volgorde op je werkbank. Op deze manier raak je niets kwijt en kun je het in omgekeerde volgorde weer monteren.

Lees het werkplaats handboek goed voor je begint en maak met je telefoon eerst foto’s, zodat je weet hoe één en ander in elkaar hoort te zitten.

De controle van de kleppen heb ik door Bergsma Motoren in Balk laten uitvoeren. Dit is een klusje wat je bij de Bandit wel zelf zou kunnen, maar daar komt teveel specifieke kennis bij kijken. Als de kleppen gesteld zouden moeten worden wordt het nogal een ingewikkelde sleutel klus. Vandaar.


Vervangen remblokken

Eén van de belangrijkste onderdelen van je motor zijn wel de remmen en in het bijzonder de voorremmen. Het vervangen van de remblokken lijkt moeilijk, maar eigenlijk een eenvoudige klus, maar net als alles dient wel zeer zorgvuldig en secuur te gebeuren. Belangrijk om te weten is welke soort remblokken er op je motor zitten.

Welke remblokken.

Wanneer je de remblokken van je motor gaat vervangen komt je twee typen remblokken tegen: gesinterde en organische remblokken. Zoals de naam het al zegt worden gesinterde remblokken gemaakt van gesinterd metaal, met weinig bindmiddel. Sinteren betekend het samenpersen van gemalen, versnipperd of verguisd metaal onder hoge druk en temperaturen. Dit resulteert in een solide massa. Veel gebruikte metalen zijn koper, brons of een mix. Gemixte metalen worden vaak gebruikt voor straat gebruik terwijl de blokken met ijzer zeer geschikt zijn voor high performance (race) gebruik omdat ze tegen extreme temperaturen kunnen. Voor de hoge temperaturen wordt een keramisch poeder toegevoegd.

Gesinterde remblokken zijn minder zacht dan organische remblokken, dit betekent dat er meer kracht gegeven moet worden bij het aanhalen van de remhendel. De blokken produceren vaak een zwarte corrosieve stof waardoor je de velgen met enige regelmaat zal moeten reinigen. Ook slijten je remschijven harder met deze blokken.

Een organisch remblok, ook wel Platinum Pad genoemd, is gemaakt van cellulose achtige materialen, dit is een soort gemalen karton. Het cellulose materiaal wordt bij elkaar gehouden door een bindmiddel op basis van fenol. Dit zorgt voor een hittebestendige hars welke harder wordt onder hogere temperaturen. Vroeger was ook asbest een materiaal voor organische stoffen, maar sinds de aanmerking van asbest als kankerverwekkende stof wordt tegenwoordig kevlar, glasfiber en minerale opvulmiddelen gebruikt. Deze blokken slijten harder, maar je remschijven gaan langer mee. Ook is de vertraging met organische blokken beter.

Let wel op, organische remblokken moeten de eerste paar honderd kilometer rustig in geremd worden.

Doordat organische remblokken een goede wrijving hebben is er minder kracht op de remhendel nodig, bijkomend voordeel is dat ze bij lage temperaturen erg stil zijn. Een organisch remblok is de juiste keuze bij normaal gebruik van een motor. Voor high performance zijn organische remblokken niet echt geschikt; ze slijten sneller omdat ze zachter zijn, faden, oxideren en verkruimelen eerder.

Vervangen remblokken.

Tip! : Maak met je smartphone van elke fase een foto, dan kan je altijd terug kijken hoe het één en ander gemonteerd dient te worden.

Haal als eerste de remklauw(en) los van de motor. Indien er stofkapje boven de remblokken zit deze verwijderen van de remklauw. De remblokken worden op hun plek gehouden door één of twee pennen en/of een veerplaatje. Indien er een veerplaatje op zit deze eerst verwijderen. De pennen zitten geborgd met splitpennetjes of borgclips, deze ook verwijderen en de pennen uit de remklauw tikken. De remblokken komen nu los uit de remklauw. De zuiger(s) van de remklauw en de stofafdichting van de zuiger(s) goed reinigen met rem reiniger( Lees voor gebruik goed de handleiding)!

Let op! Nooit reinigen met wasbenzine of iets dergelijks, want deze vloeistoffen kunnen de rubber afdichtingen aantasten!

De zuigers moeten een stukje terug in de remklauw geduwd worden om de nieuwe remblokken voldoende ruimte te geven. Let hierbij wel goed op dat er geen vuil of corrosie op de zuigers zit. Als de zuigers niet goed gereinigd worden, kan er vuil door de rubberen stof afdichtingen geduwd worden, waardoor dit uit eindelijk stuk zal gaan.

Plaats de oude remblokken terug in de remklauw en hou ze handmatig op hun plek. Zet een grote stevige schroevendraaier tussen de oude remblokken en duw op deze manier de zuiger(s) terug tot aan de zuiger-stofafdichting (niet verder!), Gebruik de oude remblokken om beschadiging van de zuigers te voorkomen. Doe dit wel rustig en voorzichtig om de stofafdichting niet te beschadigen en of van zijn plaats te duwen.

Nu kunnen de nieuwe remblokken geplaatst worden, doe een beetje kopervet op de pennen waar de remblokken mee bevestigd worden. Borg de pennen met nieuwe splitpennetjes of borgclips en plaats de eventuele stofkap op de remklauw weer terug. Vervolgens kunnen de remklauwen weer gemonteerd worden.

Een ouderwets handigheidje: zet een streepje nagellak op je boutjes, zodat je makkelijk kunt controleren of de boutjes al dan niet los trillen na de eerste ritten.

Belangrijk!!! Bedien na de montage eerst een paar keer de remhandel of het rempedaal totdat je weer druk voelt, voordat je gaat rijden! De zuigers moeten namelijk eerst weer in de juiste stand terug gebracht worden. Je kunt namelijk pas weer remmen als de remblokken volledig tegen de remschijf aanliggen.

Test na het monteren eerst je remmen voor je voluit gaat rijden.

Terug naar het begin van deze pagina


De ketting.

Controle en onderhoud.

De bewegende delen van een ketting slijten enorm als er geen vet tussen zit. Bij ouderwetse kettingen was dat al een probleem, want het vet werd er langzaam tussenuit geperst. Moderne kettingen zijn echter voorzien van afdichtringen die het vet tussen de pennen en bussen van de schakels houden.

De verschillende onderdelen waaruit de motorfietsketting bestaat:

▷ De rol (blauw) zorgt dat de ketting soepel over de tandwielen rolt.
▷ De pen (groen) verbindt de verschillende platen (grijs) met elkaar.
▷ De rol draait over de binnenbus (rood) en de pen binnenin de binnenbus. De binnenbus verbindt de binnenplaten (grijs) met elkaar.
▷ De O-ring (geel) houdt het vet in de rollen en zorgt dat er geen vuil bij de scharnierende punten komt.

Kettingen hebben hiervoor ringen van rond rubber (O-Ring), tegenwoordig zijn er echter ook afdichtrubbers met andere vormen (X-Ring en XW-ring). Deze rubbers hebben meerdere afdichtlipjes waardoor ze nog beter functioneren en de ketting langer meegaat.

Ondanks de afdichtringen moeten ook moderne kettingen gesmeerd worden. Er zitten namelijk geen afdichtingen tussen de bussen en de rollen, die ervoor zorgen dat de ketting soepel op de tanden van de tandwielen loopt. Met de moderne kettingsprays is het vaak voldoende om de ketting elke zes- tot achthonderd kilometer te smeren, in de regen moet dat vaker. Houd je ketting dus in de gaten, als de rollen beginnen te blinken is het de hoogste tijd.

Smeren.

Het beste kun je de ketting smeren als je na een lange rit thuiskomt (ketting is dan nog warm). Kettingspray is sterk verdund, zodat het vet mooi tussen de rollen loopt. Ga je direct na het smeren de weg op, dan is het vet nog dun en slingert het weg. Na een lange rit is de ketting lekker warm zodat de verdunner snel verdampt en er een mooie, sterke smeerfilm ontstaat.

Bij het smeren kun je het vet het beste aan de binnenkant van de ketting spuiten, waar deze op het voor- of achter-tandwiel loopt. Het heeft geen zin om heel dik te smeren, het teveel slingert weg en veroorzaakt een knoeiboel. Te dun is ook niet goed. Ten eerste is de smeerfilm dan te snel verdwenen, ten tweede moet het nieuwe vet vuildeeltjes tussen de rollen uitspoelen. Wanneer je goed smeert, is het niet nodig een ketting ook nog schoon te maken.

Kettingspanning meten.

Wanneer een ketting slijt, wordt deze langer. Daardoor gaat hij klapperen en gaat de motor hakerig schakelen. De kettingspanning moet dus regelmatig worden gecontroleerd. Dat doe je door het onderste deel van de ketting in het midden beet te pakken en verticaal heen en weer te bewegen. De bewegingsruimte moet meestal tussen de drie en vier centimeter liggen. De precieze waarde voor jouw motor staat in je instructieboekje of op een sticker op de achtervork. Meet de speling bij voorkeur niet op de middenbok maar met de wielen op de grond, terwijl er een volwassene op het zadel zit. Als de motor inveert, wordt de afstand tussen de tandwielen namelijk iets groter. De ketting staat dan ineens iets strakker.

En een te strak afgestelde ketting zet spanning op de versnellingsbaklagers en op de lagers van het achterwiel. Daardoor kan aanzienlijke schade ontstaan.

Merk je dat de ketting bij het ronddraaien van het wiel soms strak staat en soms niet, dan is de ketting versleten. Waar de hardingslaag van de pennen is doorgesleten, slijt hij sneller, dan waar dat nog (net) niet het geval is, hier slijt hij langzaamer. Vandaar dat er lengteverschillen optreden. Een versleten ketting herken je ook aan schuin en puntig afgesleten kettingtandwielen. Vaak kun je de ketting dan ook midden op het achtertandwiel van het tandwiel los trekken.

Eén van de manieren om te controleren hoe het met de ketting is gesteld is het nameten met en schuifmaat. In je instructie boekje staat wat de maximale afstand tussen 20 pennen (twee keer (tien) de lengte tussen de schuifmaat) mag zijn. Meet dit op verschillende plaatsen van de ketting.

Stellen.

Het stellen van de ketting is een precies werkje. Nadat de grote borgmoer is losgedraaid, moeten de kettingspanners zowel links als rechts worden aangedraaid totdat de ketting de juiste spanning heeft en het achterwiel recht in het frame staat. Dat kun je zien aan de streepjes op de achtervork.

Na het stellen moet de borgmoer precies op de juiste spanning worden aangedraaid. Daarvoor heb je een zogenaamde momentsleutel nodig.

Kettingen en tandwielen lopen op elkaar in. Als een ketting langer wordt, slijten de tanden van de tandwielen mee zodat de ketting er mooi op blijft lopen. Zou je alleen de ketting of een van de tandwielen vervangen, dan slijten die snel tot ze weer op de andere onderdelen ’passen’. Vervang ketting en tandwielen daarom altijd als set, dan heb je er het langste plezier van!

Terug naar het begin van deze pagina


De koelvloeistofpomp.

Demontage koelvloeistofpomp.

Als de motor een tijdje stilstaat en zeker in een koude ruimte is er kans op allerlei lekkage. Bij mij was het in dit geval de waterpomp. De o-ring van het deksel van de waterpomp zweet door. Dus uitbouwen.

Na het verwijderen van de koppeling zuiger en de beschermplaat die voor het voorste tandwiel zit kan je eenvoudig bij de waterpomp komen. Eerst maar eens grondig reinigen, want daar zit wel een paar seizoenen kettingvet en straatvuil op. Daarna tijd voor een rustige inspectie om te controleren waar de lekkage precies vandaan komt.

Het was al snel duidelijk dat de koelvloeistof tussen het deksel van de waterpomp en de waterpomp door zweette. Meer was het niet, maar als je dan toch zover bent is het verstandiger om de zaak te demonteren en een nieuwe voorgevormde o-ring te plaatsen.

Dus eerst de slangen ontkoppelen, koelvloeistof opvangen en kijken of je de schroeven en bouten los kunt krijgen. De Bouten was geen probleem, maar de twee kruis schroeven moesten met het gepaste geweld van de slag schroevendraaier worden gelost. Doe dit laatste wel op de werkbank en niet als de pomp nog op de motor zit. Dit om eventuele ontzetting van de pomp te voorkomen.

Na het ontkoppelen en openbreken van de pomp heb ik de zaak goed gereinigd en de beide helften gevlakt met een polijstmiddel op een vlakke plank met daarop een doek gespannen. Op deze manier poets je er redelijk eenvoudig de kalkachtige resten van de lekkage af, zodat de nieuwe ring er weer mooi en strak inpast. De oude o-ring is duidelijk versleten.

Ik vervang dus de versleten o-ring van het deksel (nr 9 op de tekening) . En preventief de ronde o-ring (nr 10) die voor de afdichting van de carter zorgt. Je zal namelijk net zien dat als je alles weer gemonteerd hebt en gevuld, dat juist daar weer een lekkage ontstaat. Ik kan nu overal bij dus direct vervangen.

Nog een belangrijke tip!!! Zet je motor iets scheef, zodat als je de waterpomp van de motor haalt de olie niet uit de carter olie kan lopen.

Bij het monteren van de nieuwe o-ringen deze even invetten, zodat ze beter in de flenzen voegen. Het gedeelte van de pomp dat weer in de carter wordt geschoven invetten met motor olie, zodat het eenvoudiger op zijn plaats schuift. Let er wel op dat de klauw van de pomp goed staat en in de motor grijpt.

Bouten invetten met kopervet en kruislings aandraaien (aandraai momenten staan in het instructie boekje). Als de slangen zijn gemonteerd kan het systeem weer gevuld worden met koelvloeistof. Vergeet niet het systeem te ontluchten. Let op!!! Ook de pomp moet ontlucht worden.

Na controle op eventuele lekkage is de motor weer gereed voor gebruik.

Terug naar het begin van deze pagina